01-04-2025

Een gastblogbericht over het eenbaksimkeren

Nu weer eens als afwisseling een zeer uitgebreid gastblogbericht over het eenbaksimkeren en kleine cellen, geschreven door collega-bijenteeltleraar Leo van der Heijden. Hij schreef het volgende: 

Het imkeren met 1 broedbak staat al een paar jaar in de belangstelling. Ben heeft mij gevraagd om mijn ervaringen met het 1 baks imkeren op papier te zetten. Ik werk hiermee vanaf 2021 met zes volken. De voordelen van het 1 baks imkeren zijn divers. Hoofddoel is een compacter broednest waardoor de bijen het broed beter op temperatuur kunnen houden. Problemen in het voorjaar met kalkbroed kunnen daarmee voorkomen worden.

Daarnaast heeft het werken met 1 broedbak voordelen bij de controle van het volk. Er hoeft maar 1 bak gecontroleerd te worden in plaats van 2. Een ander voordeel is dat je meer controle hebt over de voorraad honing die het volk verzameld. De honing zit, in het actieve bijen seizoen, in de honingkamers. Mits je voldoende voorraad voor de bijen in de eerste honingkamer laat zitten is alle overige honing te oogsten. Bij volken op twee broedbakken heb je er minder controle op. Doordat broed en honing in de zelfde ramen zitten is vaak een flink deel van de honing niet te oogsten. Dit terwijl de voorraad na een flinke dracht vaak meer is dan wat het volk dan nodig heeft.

Celmaat
Persoonlijk imkerde ik al jaren met 11 ramen in de broedbak spaakkast voordat ik overstapte naar het 1 baks imkeren. Ik had de luxe om een kunstraatpers aan te kunnen schaffen en heb deze in de celmaat 5,1 mm. Ik maak elk jaar volkjes voor beginnende imkeren die vaak gebruik maken van kunstraat met de standaard 5,4 mm cellen. De overgang van 5,1 naar 5,4 en andersom gaat in de meeste gevallen zonder problemen.

Raamafstand
Bij 10 ramen in een broedbak hangen de ramen hart op hart op 38 mm
Bij 11 ramen in een broedbak hangen de ramen hart op hart op 35 mm
Bij 12 ramen in een broedbak hangen de ramen hart op hart op 31 mm
Nadeel bij 10 ramen in een bak is dat er meer bijen nodig zijn om de ruimte tussen de ramen op te vullen om zo een afgesloten broednest te creëren. Met andere woorden, je hebt meer bijen nodig om een bepaalde hoeveelheid broed op temperatuur te kunnen houden.
Nadeel bij 11 ramen is dat de ruimte tussen de zijwand van de kast en het eerste raampje vaak minder is dan 7 mm waardoor je deze raat wat moeilijk uit de kast kunt krijgen.
Bij filmpjes van Ben van de Topkast zag ik dat de raampjes op draaglijsten rusten en de afstand tussen de ramen met kopspijkers wordt bepaald. Dit bracht mij op het idee om 12 ramen in een broedbak te stoppen. De kopspijkers hiervoor worden verkocht als 10 mm kopspijkers. Als je de kop opmeet meet deze vaak maar 9,5 mm, als je ze een extra tikje geeft bij het plaatsen op het raam dan steken ze precies 9 mm uit. Je hebt dan een raat afstand hart op hart van 31 mm met tussen de ramen 9 mm. Precies de bijenruimte. Voordeel is dat ook tussen de zijwand van de kast en het eerste raampje 9 mm ruimte beschikbaar is. Je hebt zelfs nog 4 mm speling in een standaard spaarkast broedbak van 385 mm breedte. Zie onderstaande tabel.

Onder deze link vind je een tabel met raamafstanden bij 10, 11 en 12 ramen per broedbak Spaarkast.

Voor het plaatsen van de kopspijkers in het broedkamerraam gebruik ik twee afstandshoutjes zodat de spijkers in ieder raam op de zelfde plek komen te zitten. Zie onderstaande foto. Twee kopspijkers aan een zijde van het raam en twee kopspijkers aan de andere kant van het raam. 1 in de toplat en 1 in de zijlat zodat de ramen ook aan de onderzijde op de juiste afstand van elkaar komen te hangen. Ook in de zijwand van de broedbak komt een spijker ter hoogte van de toplat.
Als ik de filmpjes van Ben bekijk zie ik nu dat ik de spijkers precies aan de andere zijde van de raampjes monteer dan Ben. Zitten ze bij Ben aan de linker kant van het raampje, bij mij zitten ze aan de rechter kant. Een uniforme afspraak hierover zou helpen bij het uitwisselen van raampjes. Ben imkert echter met een ander ras dan ik dus zullen wij samen niet snel onze ramen uitwisselen.

Nauwkeurig werken
Voor het imkeren met 11 of 12 ramen in een broedbak heb je wel kaarsrechte ramen nodig en ook het kunstraat moet recht in het raampje worden uitgebouwd. Het helpt als je bij het insmelten van het kunstraat de draden goed strakgespannen zijn en rondom het kunstraat een paar mm speling is tussen kunstraat en het houten raampje. Kunstraat zet namelijk iets uit als het in het warme broednest komt te hangen. Het mag namelijk niet krom gaan staan want dan bouwen de bijen de raat niet recht en strak in het raampje.


Imkeren op 1 broedbak
Het imkeren op 1 broedbak vraagt ook om een nauwkeurige manier van imkeren. Je hebt wat minder ‘speling’ in de jaarlijkse zorg voor het volk. Bij een volk op twee broedbakken maakt het vaak niet uit of de voorjaarscontrole een weekje eerder of later plaatsvindt. Bij het 1 baks imkeren luistert dit wat nauwer. Op 19 maart heb ik de eerste voorjaarscontrole uitgevoerd. De volken hadden toen tussen de 5 en 7 ramen broed. Ik heb toen uit elk volk 2 ramen verzegeld voer gehaald en 2 ramen kunstraat teruggegeven. 1 raam kunstraat aan elke zijde van het broednest. In elke kast blijven tenminste 3 ramen voer over. Ik heb immers 12 ramen in de broedbak. Een week later heb ik elk volk een honingkamer gegeven. Bij alle volken waren tenminste 11 ramen bezet met bijen. De honingkamer kwam op een moerrooster dat bij mij op de toplatten ligt precies binnen de wanden van de broedbak. Let op dat het moerrooster ook de oortjes van de ramen afdekt. Bij afstandsrepen kan de koningin niet bij de ruimte van de oortjes komen omdat dit afgedicht wordt door de afstandsreep. Bij oortjes op draaglijsten kan ze echter wel tussen de toplatten naar de oortjes toe lopen. Als de ruimte boven de oortjes dan niet afgedicht is door een moerrooster kan ze zo naar de honingkamer verhuizen. Ik gebruik het rooster op de toplatten zodat de afstand tussen broedramen en honingramen zo klein mogelijk blijft. De bijen stappen dan makkelijk over. Voor de eerste honingkamer gebruik ik de nat geslingerde ramen van vorig jaar die bewaard zijn onder de damp van ijsazijn. Eerst enkele dagen de ramen laten luchten voordat je de honingkamer plaatst. Binnen een uur zit de honingkamer dan vol met bijen die deze helemaal schoonmaken en in gebruik nemen.
Het is de bedoeling dat de bijen een voorraadje opbouwen in deze honingkamer. Zodra in de honingkamer 2 kilo of meer honing aanwezig is vervang ik in de broedbak weer een raam voer voor een raam kunstraat. Het plan is dat de voedselvoorraad van het volk in de eerste honingkamer komt te zitten en dat de broedbak geheel beschikbaar komt voor het broed en wat stuifmeel. Stuifmeel in de honingkamer is ook geen probleem. Bij het oogsten van de honing blijft stuifmeel in de raat zitten.
Het streven is dat elk volk de hele actieve bijenseizoen minstens 8 kilo honing voorraad blijft behouden. Voor periode van slecht weer in het voorjaar en voor dracht loze periode in de zomer. Het volk mag nooit zonder voedsel komen te zitten. De eerste honingkamer blijft dan ook op het volk tot eind augustus-begin september. Als de eerste honingkamer vol met verzegelde honing zit, vlak voor het begin van de linde dracht, dan oogst ik 5 ramen en geef gelijk weer 5 lege ramen terug. Er blijven dan 5 volle honing ramen in de eerste honingkamer voor het volk.
Als de eerste honingkamer gevuld is met honing maar nog niet verzegeld, of het volk heeft zoveel bijen dat het al druk wordt in de honingkamer plaats ik de tweede honingkamer zodat het volk voldoende ruimte heeft voor de bijen om te zitten. Meestal is dit drie weken na het plaatsen van de eerste honingkamer maar dit kan per jaar iets verschillen, afhankelijk van het weer.
Als de tweede honingkamer vol met bijen zit plaats ik een derde honingkamer en eventueel als het nodig is komt er een vierde honingkamer bij. Bij het controleren van de broedbak haal ik vaak de honingkamers er per twee af. Zeker in het begin zijn ze nog niet zo zwaar omdat ze voornamelijk gevuld zijn met bijen en nog niet met verzegelde honing. Dek elke bovenste honingkamer wel af met een doek of extra dekplank om roverij te voorkomen. Het geeft ook rust in de bijenstal als honingkamers van boven afgesloten terzijde worden gezet tijdens het werken in de broedbak.
Begin altijd aan een zijkant met het uithalen van het eerste raampje. Soms helpt het als je het tweede raampje iets optilt zodat het kopspijkertje van de toplat boven de toplat ernaast komt en je het tweede raampje iets opzij kunt schuiven. Je kan het kantraam er dan makkelijker uit halen. Altijd rustig omhooghalen zonder te rukken. Bedenk dat boven de kopspijkers van de zijlatten ook bijen kunnen zitten die je niet wil beschadigen. Eventueel kan hier ook de koningin lopen! Geef de bijen de tijd om opzij te stappen. Als het kantraam eruit is zet je deze even in een apart kastje. Een drie of zesramer b.v.. Braamraat op de zijwand van de kast gelijk verwijderen. Dan kan je het kantraam later makkelijker terugplaatsen. Als de eerste honingkamer voor de helft gevuld is met honing kunnen alle broedramen gevuld met alleen voer eruit en kunstraat terug.
Ben heeft wel eens uitgerekend hoeveel broedcellen de koningin nodig heeft om onbeperkt te kunnen blijven leggen. Een goede koningin legt 2000 eitjes per dag. Na 21 dagen loopt het broed weer uit. 2000 * 21 = 42000 cellen nodig. ( ± 8 ramen)
In 1 broedbak met 10 ramen en celgrootte 5,4 mm = 54560 cellen. Dit zijn dus al voldoende broedcellen in 1 broedbak. Een hele goede koningin heeft 2500 * 21 = 52500 cellen nodig ook dat past nog in 1 broedbak maar wordt wat krap als er ook nog wat voer en stuifmeel aanwezig is.
Bij 11 ramen en celgrootte 5,4 mm heb je al 60016 cellen. Ga je met kleine cellen werken dan passen in 1 broedbak met 11 ramen en celgrootte 4,9 mm = 70026 cellen.
Persoonlijk gebruik ik 12 ramen in 1 broedbak en celgrootte 5,1 mm ± 70800 cellen. Dat is ruim voldoende voor mijn koninginnen om de 42000 cellen en nog wat darrenbroed met een voorraad stuifmeel en wat voer in de broedbak te houden. Het 1 baks imkeren heeft ook niets met de Renson methode te maken.

Koninginnenteelt
Bij de koninginnenteelt wordt vaak geadviseerd om het teeltraam in de bovenbak te hangen tussen ramen met open broed. Bij het 1 baks imkeren wordt dat wat lastig omdat de ‘bovenbak’ mijn eerste honingkamer is en ik daar geen broed in heb. Ik heb echter hele goede resultaten als ik het teeltraam in het midden van de eerste honingkamer hang boven het moerrooster. Onder het rooster hangen dan ramen met open broed. Ik gebruik dan ‘aangeblazen doppen’ Dit zijn twee daags larfjes die in een starterkastje al gepromoveerd zijn tot koninginnenlarven. Het pleegvolk is dan een moergoed-pleegvolk. De koningin zit dan nog in de broedbak onder het rooster. Dit volk mag dan niet in zwermstemming zijn natuurlijk. Om eventuele opkomende zwermdrift de kop in te drukken kan je een week van te voren een broedaflegger maken. Je haalt dan twee ramen zoveel mogelijk verzegeld broed met opzitten de bijen uit het volk en vervangt dit door ramen met kunstraat. Tegen de tijd dat je met je koninginnenteelt wilt beginnen is de kunstraat uitgebouwd en vol met open broed. Ideaal om je teeltraam boven te hangen. Een andere optie is, om van het beoogde pleegvolk, een kleine kunstzwerm te maken en nadat je 9 dagen later alle doppen hebt gebroken, het teeltraam in het midden in de broedbak te hangen. Ik heb het dan wel over volken die minstens 2 of 3 honingkamers vol met bijen hebben. Voor het goed verzorgen van de larven in het teeltraam helpt het als je een dag van te voren een honingkamer van het volk afhaalt waardoor de bijen in een kleinere ruimte komen te zitten. Doe dit vooral in het geval van een moerloos pleegvolk. Bij een moergoed pleegvolk is het afhankelijk hoe druk bezet de honingkamers zijn en hoeveel ruimte de moer heeft voor het broednest. Dit mag je niet te veel verstoren.
Op de locatie waar ik imker heb ik meestal een voorjaarsoogst van wilg en fruithoning. Deze oogst ik voordat de linde in bloei komt. Na de linde is het even rustig met de dracht. Eind juli en augustus komt er dan weer nectar binnen van de akkerranden en alle tuintjes in de gemeente. Hier kan ik eind augustus of de eerste week van september de laatste honing van oogsten. Mijn seizoen loopt dus wat langer door dan het seizoen van Ben.
Half augustus krimpt het broednest al. Van de 8 á 9 ramen broed van het voorjaar zijn er dan vaak nog maar 5 tot 4 ramen met broed over. Dat betekend dat in de broedkamer weer plaats is voor een voorraad voer. Je ziet dan ook dat eind augustus de bijen de honing niet meer in de bovenste honingkamer opslaan maar naast het broednest. Ik ervaar eind augustus dat de hoeveelheid honing in de bovenste honingkamer minder wordt. De bijen verplaatsen die blijkbaar naar het broednest toe. Dit vind ik prima. Het geeft mij dan de kans om ongestraft ook de eerste honingkamer van het volk te kunnen halen. De 8 kilo voer die ik gedurende het hele jaar bij het volk wil hebben zit dan al in de broedbak. Als het volk dan nog erg groot is plaats ik een leeg geslingerde honingkamer onder de broedbak voor ruimte. Begin maart van het volgende jaar kan deze er dan weer onder vandaan.

Leo van der Heijden, gastblogger en bijenteeltleraar

Deel dit bericht

Reacties

  • Millefera

    01-04-2025 om 21:44

    Mooi uitgebreid en duidelijk. Dank

  • Johannes

    01-04-2025 om 22:19

    Duidelijke uitleg. Met dank. Toch heb ik 2 vragen. 1. Hoeveel ramen hang je in de honingkamer? 2. Wat en hoe ga je om met varroa bestrijding.

    Ha Johannes, 1) gewoon 10; 2) de gebruikelijke methoden, zoals het twee- of driegangenmenu. Groet, Ben

  • Frans

    01-04-2025 om 23:08

    Kan je er ook een honingkamer (zonder rooster uiteraard) onder plaatsen en wanneer is dit het beste moment om te doen?

  • Peter van de Vondervoort

    02-04-2025 om 00:11

    Beste Leo,
    Dank voor het uitvoerig en minutieus beschrijven van je eenbaks-imkermethode. Sinds 2024 ben ik ook hierop overgestapt. Na 40 jaar omschakelen van 2 naar 1 broedkamer is voor mij nog een moeizame. Vooral omdat ik er naar streef zo weinig mogelijk ingrepen te doen. Je merkt op dat je wat minder ‘speling’ hebt in de jaarlijkse zorg voor het volk. Vraag: heb je het idee dat je per saldo hetzelfde aantal ingrepen moet doen?

  • Leo van der Heijden

    02-04-2025 om 08:49

    Aan Johannes,
    Vraag 1: in de honingkamer gaan bij mij gewoon 10 ramen dat ontzegeld makkelijker dan smalle ramen. Smalle ramen zijn voor het broed dat precies binnen de houten raampjes van 22 mm past. Alleen het darrenbroed steekt iets uit maar dat lossen de bijen wel op.
    Vraag 2: De varroa bestrijding pas ik toe als het nodig is. Meestal oxaalzuur sproeien tijdens de broedloze periode na het maken van een kunstzwerm. Maak ik geen kunstzwerm dan in augustus mierenzuur met de sponsdoek methode van Mari van Iersel. In november tel ik de mijten op de lade. Bij > 1 mijt per dag geef ik in december een oxaalzuur behandeling toe. Tot nu toe door te druppelen maar ik ga me dit jaar bekwamen in het verdampen van oxaalzuur.

  • Tine Bosman

    02-04-2025 om 09:03

    Wat een mooi blogbericht. Heel veel herkenning hoe wij het tot nu toe ook hebben gedaan en veel informatie over wanneer de HK plaatsen en wat er in moet blijven. Een hele mooie aanvulling op je boek Ben wat ik op dit moment lees. Dat boek is echt een aanrader, heel duidelijk en begrijpelijk. Compliment daarvoor. Imkert Leo met Carnica? Dat geeft ons goede hoop dat dit bij ons dan ook moet lukken. Groet, Tine

  • Leo van der Heijden

    02-04-2025 om 10:03

    Aan Frans,
    Zoals ik schrijf plaats ik een lege honingkamer onder de broedbak na het afnemen van alle honingkamers eind augustus-begin september als het volk nog zoveel bijen heeft dat het moeilijk in 1 broedbak past. Zeker bij een warme septembermaand kan dit soms nodig zijn. Begin maart het volgende jaar haal ik de honingkamer er weer onder vandaan.
    Aan Peter,
    Het aantal handelingen is niet meer dan bij het werken met 2 broedbakken. Alleen het moment waarop je iets doet luistert nauwer. Mogelijk dat ik een keer extra het volk controleer maar elke controle kost me de helft van de tijd omdat ik maar 1 broedbak hoef na te kijken.

  • Leo van der Heijden

    02-04-2025 om 10:10

    Aan Tine,
    Ja ik imker met Carnica. Dat heb je goed begrepen. Ook de koninginnenteelt voor nieuwe P moeren doe ik in de volken op 12 ramen. Een teeltraam past prima in de honingkamer omdat daar maar 10 ramen in zitten. Gebruik je een teeltraam met moerrooster, tegen het inbouwen van de doppen, dan past dit soms wat lastig in de bak met 12 ramen. In dat geval haal je tijdelijk 1 broedkamerraam eruit zodat het teeltraam ruim past. Na de teelt kan het raam weer terug.

  • Leo van der Heijden

    02-04-2025 om 10:20

    Nog een laatste toevoeging aan mijn verhaal.
    Het kopspijkertje dat in de toplat zit geeft af en toe toch wat beschadigingen aan de raat van het naastgelegen raam als je het kantraam omhoog haalt. Om dit te voorkomen zet ik sinds gisteren het bovenste kopspijkertje aan de bovenkant van de zijlat. In de zijlat zitten dan twee kopspijkers. een bovenaan en 1 op 6 cm van af de onderkant. Zo blijf je zoeken naar verbeteringen.

  • Bert

    02-04-2025 om 16:11

    Goedemiddag,

    Ik heb een vraag over de kopspijkers. How werkt dit precies? Hoeveel mm kopspijkers moet ik hebben bij kunstraat 5.1 en 5.4. En hoe gaat dit aan de zijkant van de kast? Dan is er toch te veel ruimte over lijkt me?

    Groet, Bert

  • Leo van der Heijden

    02-04-2025 om 18:15

    Bert, op de foto met het raampje en de hamer zie je bij de twee afstand latjes een kopspijkers zitten. Er komen twee spijkers aan elke kant van het raam. Vier totaal per raam. De spijkers zijn b.v. te koop in het bijenhuis. In de broedbak komt aan beide lange zijde elk een kopspijkers. Het maakt niet uit welke celmaat je gebruikt. De kopspijkers gebruik je bij 12 ramen in een broedbak. Spaarkast.

    Ha Bert en Leo, het lijkt me niet verstandig om bij de bijen uit 5,4 mm cellen de raatafstand te verkleinen tot 3,2 of bij Leo zelfs 3,1 cm. Bij 5,4 bijen kun je het beste stoppen bij een raatafstand van 3,5 cm, dus 11 ramen in een spaarkast bk. Bij 5,1 mm en 4,9 mm raatsbijen kun je kiezen uit 3,5 cm raatafstand (11 raams afstandsrepen) of 3,2 cm raatafstand in de bk.
    Bij 3,2 cm moet je de 10mm kopspijkers gebruiken mits de breedte van de toplat 22 mm is. Dit laatste verschilt soms ook. Groet, Ben

  • Hans P.

    02-04-2025 om 19:33

    Beste Leo, Dank voor dit uitgebreide blogbericht. Ik imker sinds twee jaar ook met 1 BK, 5,1mm en 12 ramen in de BK. Omdat ik nog nooit iemand hier over gehoord had (met 12 ramen) dacht ik dat ik een uitzondering was, niet dus. Ik heb afstandsrepen van 32 hoph laten maken en gebruik alleen onderaan de de zijlatten kopspijkers. Ik volg de methode van Ben; hoekje vrijlaten voor darrenraat en housel positioning. Opslaan van natte ramen gaat ook prima zonder ijsazijn als er maar geen stuifmeel inzit en ze niet bebroed zijn.
    Deze manier van imkeren bevalt me prima!
    hart.groet,

  • Marnix Van de Sijpe

    02-04-2025 om 21:41

    Beste Leo, de honingkamers die u plaatst op de broedbak zijn deze formaat broedbak of kleine hoogsels? Groeten Marnix.

  • Leo van der Heijden

    02-04-2025 om 23:59

    Hallo Hans,
    Het gebruik van ijsazijn is ontstaan in de tijd dat er veel problemen waren met Nosema Apis. IJsazijn dood de sporen van Nosema. Ik ben het om die reden blijven doen. Ik weet niet of ijsazijn ook de sporen van Nosema ceranae dood maar daar ga ik wel van uit. Het voordeel van draaglijsten ten opzichte van afstandsrepen is dat je meerdere raampjes kunt verschuiven en dus wat flexibeler bent in het verschuiven van de ramen nadat het eerste raam eruit is.
    Hallo Marnix, bij mij is een honingbak een half hoogsel en geen broedbak.

Uw reactie

Vink onderstaand controlevakje aan tegen spamrobots

Blijf op de hoogte

Wilt u automatisch een e-mail ontvangen zodra Ben Som de Cerff een nieuw blogbericht heeft geplaatst?
Meldt u zich dan hier aan.